10 Jaar CONACAMI, 10 jaar strijd voor de rechten van de inheemse bevolking in Peru
Gelijktijdig met de Internationale Dag voor Inheemse Volken vierde de Peruaanse organisatie CONACAMI op 12 oktober in Lima haar 10e verjaardag. Opgericht als netwerk van boerengemeenschappen die te kampen hebben met de negatieve gevolgen van grootschalige mijnbouwactiviteiten, is de organisatie inmiddels uitgegroeid tot één van de meest belangrijke inheemse organisaties van het land. Broederlijk Delen ondersteunt CONACAMI reeds zeven jaar middels het sturen van coöperanten en sinds kort ook met kleine financiële bijdragen om de participatie van vrouwelijke leiders in de organisatie te bevorderen.
Net als gedurende andere jaren is Lima op 12 oktober wederom de ontmoetingsplek van inheemse leiders uit verschillende delen van Peru. De ruim 500 vertegenwoordigers komen samen in de drukte van de hoofdstad om aandacht te vragen voor de discriminatie en onderdrukking waarmee de inheemse bevolking in Peru nog steeds te maken heeft. Daarnaast wordt dit jaar specifiek aandacht besteed aan de campagne Salvemos al Planeta (Red de Aarde!) die de bevolking bewust moet maken over milieuvervuiling, over de agressieve exploitatie van natuurlijke rijkdommen in de Andes en Amazone, en over de consequenties hiervan voor de verschillende inheemse culturen.
Juist deze thema’s, tot voor kort zo onzichtbaar in Peru, zijn de afgelopen tien jaar door CONACAMI onder de aandacht gebracht. En niet zonder succes: waar tien jaar geleden haast niemand zich durfde te presenteren als indígena, hetgeen toen werd geassocieerd met een minderwaardige bevolkingsgroep, zijn er inmiddels duizenden inheemse gemeenschappen die zich actief inzetten voor het behoud van hun traditionele gronden en zich daarbij beroepen op verschillende internationale verdragen, zoals de Conventie 169 van de ILO en het VN Verdrag voor de Rechten van de Inheemse Bevolking.
12 Oktober viel dit jaar praktisch samen met het 10-jarig bestaan van CONACAMI en in het bijzijn van honderden leden en vrienden de organisatie, alsmede de drie door Broederlijk Delen uitgezonden coöperanten, werd dit heugelijke feit op gepaste wijze gevierd. Na de traditionele speeches en dankbetuigingen aan de (oud-) bestuurders van CONACAMI, bevriende politici en buitenlandse ontwikkelingsorganisaties vloeide de chicha (gefermenteerde maïsdrank) rijkelijk en werden de stoelen aan de kant geschoven om te kunnen dansen op de cumbias, huaynos en criollas.
Manifestatie op 12 oktober door de straten van Lima.
Performance van een groep Ayarachis uit Puno tijdens het 10-jarig bestaansfeest van CONACAMI.
Het huidige bestuur van CONACAMI tijdens het 10-jarig bestaansfeest.
3 generaties coöperanten van Broederlijk Delen bij CONACAMI naast elkaar. Van links naar rechts: Sander Otten (2008 – heden), Lieven Pype (2005 – 2008) en Thomas Craenen (2002 – 2004).
Economische groei, maar tegen welke prijs?
De “Año de las Cumbres” (Het Jaar van de Topconferenties) werd vorige maand in Lima afgesloten met de APEC-top, een bijeenkomst van de leiders van de 21 voornaamste economieën uit het gebied rondom de Stille Oceaan. Tijdens de conferentie vond de Peruaanse president Alan García een gaatje in zijn drukke agenda om in gezelschap van zijn Chinese collega Hu Jintao het toekomstige vrijhandelsakkoord tussen beide landen aan te kondigen. Trots deelde García mee dat de toename van Chinese investeringen de gestage economische groei in Perú zal versterken.
Eén van de voornaamste pijlers van de Chinese investeringen in Perú is de mijnbouwsector. Deze sector werd voorheen gedomineerd door multinationals uit Canada, de VS en Australië, maar China’s gigantische behoeftes aan diverse soorten metalen heeft geleid tot een indrukwekkende expansie van haar industrie naar Zuid Amerika, en dan met name Perú.
De luchtvervuiling in La Oroya
Op maandag 4 augustus vertrek ik vanuit Lima met een groep van vijftien Vlaamse docenten, de zogenaamde “inleefreizigers”, richting twee steden in de Andes – La Oroya en Cerro de Pasco – met als doel om daar in eigen persoon de negatieve gevolgen van grootschalige mijnbouwactiviteiten te kunnen waarnemen.
De klim vanuit Lima naar La Oroya is erg indrukwekkend; de tweebaansweg klimt vanaf zeeniveau gedurende 172 km naar een hoogte van 4820 meter, om vervolgens weer te dalen tot 3720 meter. Tijdens deze vijf uur durende rit wordt het landschap steeds ruiger en beginnen onze hoofden te enigszins te tollen als gevolg van de verminderde concentratie zuurstof in de lucht. Eenmaal op de hoge bergpas genieten we van een magnifiek uitzicht, met als hoogtepunt de besneeuwde bergtoppen om ons heen.